55. 2 maart 1990

De Leidse afdeling van de Bouwbond FNV betrok pas geleden een kantoor aan de Rijnsburgersingel. De Leidse pers heeft daar toen uitvoerig aandacht aan besteed.

Zowel landelijk als plaatselijk valt deze FNV-bond op. Vorige week nog zag ik in NOS-laat de voorzitter Schuller verklaren, dat zijn bond vasthoudt aan het beleid van de arbeidstijdverkorting. De meeste andere FNV-bonden hebben dit beleid geheel of gedeeltelijk verlaten. Zelf kan ik dat niet echt begrijpen, want als de zelfde hoeveelheid werk in minder tijd moet worden verzet, dan heb je toch meer mensen nodig. Dan moeten er dus meer arbeidsplaatsen komen. Dat klinkt heel logisch en dat is het ook. Dat de werkgevers dat beleid dwarsbomen en de zittende werknemers tegen de zelfde inkomsten hetzelfde werk in een kortere tijd laten doen, is geen reden om het principe van de arbeidstijdverkorting te laten varen. In tegendeel, dan moet de vakbeweging daartegen in aktie komen.

De meeste bonden gaan nu gewoon meer loon eisen, maar deze bond niet. Die houdt onverkort vast aan een beleid dat het terugbrengen van de arbeidsstijd naar 36 uur tot doel heeft.

Nu zit ik hier in Leiden toevallig in de zogenaamde Plaatsingscommissie van de sociale werkvoorziening. Dat zijn tegenwoordig de Zijl Bedrijven, die in Leiderdorp zijn gevestigd. Daar werkten eind van het vorig jaar zo'n 870 mensen. Bij de Zijl Bedrijven kan je terechtkomen als er in het gewone bedijfsleven geen arbeidsplaats te vinden is, omdat je gezondheid te wensen overlaat, om maar één van de mogelijke redenen te noemen.

Veel van de mensen, die aangemeld worden, via het arbeidsbureau of de sociale dienst, zijn afkomstig van de bouw, met name van de straatmakerij. Het valt daarbij op, dat velen nog zeer jong zijn. Versleten ruggen is een veel geconstateerd euvel. Omdat ze verder geestelijk gezond zijn en op hun rug na lichamelijk ook niets mankeren is thuiszitten niets voor deze mensen, die dan zich dan alleen maar vervelen. Hun situatie, en daarmee die van hun huisgenoten, verslechtert dan snel en er komt dan ook geestelijke problematiek te voorschijn. Zonder de Zijl Bedrijven zullen velen zijn gedoemd de rest van hun leven te slijten met een kleine uitkering en zonder een zinvolle bezigheid.

Als je dat weet, dan ga je de werkverkorting van de Bouwbond in een ander licht zien. Werktijdverkorting betekent immers, dat er korter gewerkt wordt. Dat kan betekenen, dat de mensen die in de bouw werken daardoor wat langer gezond blijven, misschien zelfs wel, dat ze in gezondheid hun VUT of pensioen halen en daar ook nog van kunnen genieten. Dat is niet alleen goed voor de desbetreffende werknemers, maar ook voor de overheid, waaraan de zorg voor hun toevalt. Uiteindelijk betaalt de overheid, dus wij allemaal, de kosten, die nodig zijn om deze veel te grote categorie uitgevallenen te verzorgen. De vakbeweging en ook de overheid weten dit allemaal. Ik vertel niets nieuws. Daarom is er ook die aktie "Een bouwvakker is niet van steen". Hoewel in die aktie, naar mijn mening zeer onterecht, de werknemer in de bouw een belangrijk deel van de verantwoordelijkheid voor zijn gezondheid krijgt toegeschoven, richt de aktie zich ook op de bouwwerkgever. Die moet er op toezien, dat de gezondheid van zijn werknemers, naar behoren en waar ook maar even mogelijk, is gewaarborgd.

Zolang werkgevers daarin te kort schieten, moet de bond vasthouden aan de arbeidstijd-verkorting.