57. 16 maart 1990

Vorige week kwam ik net op tijd terug van mijn vakantie om de laatste Leiden Lokaal te horen, die nog onder de vlag van de eindredacteur Agnes van Steen werd uitgezonden.

Ik had net veertien dagen ervoor ja gezegd op haar vraag of ik het eind-redacteurschap wilde overnemen. Maar pas na de vakantie kwam bij mij de vraag op of ik wel eind-redacteur kan zijn van een programma, waarin ik ook columnist ben. Zijn die twee taken verenigbaar, vroeg ik mij af.

Het is nu eenmaal een goede columnistentraditie, dat een columnist zich volkomen onafhankelijk opstelt van zijn redactie. Dat geldt zo wel voor de krant als voor, zoals in mijn geval, voor de radio. Agnes van Steen heeft mijn onafhankelijkheid steeds volledig gerespecteerd. Nooit heeft zij zich bemoeid met de inhoud van mijn columns. Een boek van Ad Gijselhart heet ook niet voor niets De Column als vrijplaats. De column wordt in de krant dik omkaderd, vaak cursief gedrukt en geplaatst in afgelegen hoekjes van de krante-pagina. De lezer wordt er als het ware opgewezen, dat hij een ander domein betreedt, waarbinnen alles mogelijk is en waarvoor de redactie niet aansprakelijk is. Columnisten hebben van hun redacties de volledige vrijheid om te schrijven wat ze willen. Jan Vrijman, een columnist, vindt, dat de columnist moet dwarsliggen, zodat er gestruikeld wordt. Columnisten zijn karakterloos, exhibitionistisch en schizofreen. Karakterloos omdat ze hun slachtoffers vaak een trap na geven, exhibitionistisch, omdat ze af en toe hun hele hebben en houwen ten tonele voeren, tot en met hun vrienden en familie en schizofreen omdat ze onzin met onzin willen bestrijden. Het zijn gefrustreerde moralisten. Sommige columnisten volgen gezagsdragers nauwgezet en stellen iedere misstap onmiddellijk aan de kaak. Anderen sluiten aan bij een actualiteit vanuit een ontembare lust tot tegendraadsheid; cynisme en non-conformisme staan bij hun hoog in het vaandel. Dat is dus Wortel als columnist.

In die hoedanigheid mag hij alles: het nieuws moet feitelijk en ondubbelzinnig zijn, objectief en als je journalist bent, dan bewaar je je eigen mening maar voor de kroeg, maar als columnist mag je het nieuws juist wel dubbelzinnig maken, nieuws verzinnen en becommentariëren en je mag liegen en schelden. Zijn dit de juiste eigenschappen voor een eindredacteur van een nieuws- en actualiteitenprogramma als Leiden Lokaal. In die laatste funktie moet je min of meer journalist zijn, de objectieve, onpartijdige nieuwsbrenger. Dan ben je een serieus persoon, die geloofwaardig moet overkomen bij de mensen, die van het nieuws kennisnemen.

Als ik mijn voorafgaande 56 columns doorlees, dan vind ik, dat ik mijn opvattingen en werkwijze als columnschrijver terugvindt in de Jan Blokker-traditie. Blokker is columnistn in de Volkskrant en tegelijkertijd adjunct hoofdredacteur van die krant. Hij vindt het wel verenigbaar. "Die twee petten passen mij goed", zei hij. Ik vind het zelf vervelend. Twee petten zijn mij te zwaar op het hoofd. Leiden Lokaal moet zo snel mogelijk een nieuwe eindredacteur zien te vinden, zodat ik weer gewoon mijn columns kan schrijven.

Ik moet wel. Wie moet het anders doen. Leiden zonder columnist. Ik moet er niet aan denken, zeker in deze tijd niet met de verkiezingen en het bruisende politieke leven, en het samenstellen van het nieuwe stadsbestuur. Ik heb een zware verantwoordelijkheid.

Moet ik dan maar stoppen met mijn columns. Nee, toch maar niet. Want columns schrijven is erg leuk.