81. 16 november 1990

Het nieuwe jaarboekje over trams staat vol met foto's van eigentijdse trams, die duidelijk laten zien, dat de tram techniek sinds de opheffing in 1961 van de tram in Leiden niet stil is blijven staan. Op de talrijke foto's staan in vrolijke kleuren en met een oogstrelende vormgeving, vooral daar, waar Italiaanse ontwerpers, die in de autowereld een grote naam hebben, tramstellen te pronken. Ik kan het jaarboekje Trams 1991 warm aanbevelen aan wethouder van Ruimtelijke Ordening Van Rij en die van Economische Zaken Walenkamp. Eigenlijk is het verplichte literatuur voor iedereen, die zich al of niet ambtshalve bezighoudt met ruimtelijke ordening en openbaar vervoer. Ik vermoed, dat wethouder Walenkamp het jaarboekje wel kent, want ik weet, dat hij een warm voorstander is van de tram, want mij persoonlijk heeft hij wel eens gezegd, dat hij vindt, dat dat ding weer in het Leidse stadsbeeld moet terugkomen, maar dat zei hij op strikt persoonlijke titel. Van een kennis van mij, die raadslid is in Noordwijk, weet ik, dat ook de gemeente Noordwijk terugkomst van de tram wenst. Van de gemeente Voorschoten weet ik dat ook. Steeds meer politici gaan om.

Enkele jaren geleden nog, herinner ik me, werd er gegniffeld, als ik praatte over de terugkeer van de tram in Leiden. Ik schreef er regelmatig artikelen over in het huis-aan-huis-blaadje van Ronald Veeren, die ze op een groteske wijze plaatste. Ook is de terugkeer van de tram aan de orde geweest in het zogeheten Platformoverleg, dat de gemeente regelmatig heeft met de plaatselijke middenstand en de vakbeweging, met name de FNV hier in Leiden. Bracht eerst de FNV de tram ter sprake, in de laatste vergadering deed de middenstand dat. Voorts lees ik in het tram-jaarboekje, dat in Voorburg op dit moment zelfs al 2300 meter nieuw tramspoor voor lijn 3 op weg naar Leidschendam wordt aangelegd, ook al aardig in de richting van Leiden. Ook onze zuiderburen in Voorschoten zullen deze uitbreiding van het zo actieve Haagse tramnet met grote belangstelling volgen: kan het lijntje, dat nu in het noorden van Leidschendam eindigt niet effe worden doorgetrokken naar Voorschoten? Een kwestie van tijd, denk ik, ook al omdat de minister van Verkeer en Waterstaat, die ook over de trams gaat, in dit soort projecten veel, heel veel geld wil steken. Juist in het hartje van de

randstad, en dat zijn wij, is het belangrijk, dat zoveel mo-

gelijk mensen uit hun auto de trein of liever nog de tram in gaan, vanwege het millieu, ruimtegebrek en overvolle wegen, weet u wel. En Leiden wil ook wel. Logisch, omdat de gemeente steeds meer gaat beseffen, dat de tram de enig mogelijke oplossing is voor de gehele binnenstadsproblematiek.

Voor de Breestraat, die dan radicaal voor het gehele gemotoriseerd verkeer kan worden afgesloten, dus ook voor de bussen. De mogelijkheden voor een herindeling van de straat, waarin zowel voor de fietsers een eigen vrijliggend fietspad kan worden gerealiseerd, naast een vrijliggende trambaan, en waarin de voetgangers zich vrij en veilig kunnen voelen.

Maar het gaat natuurlijk niet alleen om de Breestraat, maar ook om de bereikbaarheid van de oude en mooie binnenstad van Leiden. In de agglomeratie Leiden met bijna 300.000 inwoners is voor een bruisend en economisch actief leven een openbaar systeem dat aan de moderne eisen van kwaliteit en comfort voldoet een levensnoodzaak. In onze zustergemeente Krefeld rijdt ook een tram, waarvan een zelfs genoemd is naar Leiden. Waarom halen wij die niet naar Leiden.